Soera 24 – An-Nur – Het Licht – النّور

Deze soera in de nieuwe Koran omgeving lezen? Ja, graag
bismillah ir rahman ir rahim

سُورَةٌ أَنزَلۡنَٰهَا وَفَرَضۡنَٰهَا وَأَنزَلۡنَا فِيهَآ ءَايَٰتِۭ بَيِّنَٰتٖ لَّعَلَّكُمۡ تَذَكَّرُونَ 1

(Dit is) een Soerah die Wij neer hebben gezonden en die Wij verplicht hebben gesteld en hierin hebben Wij duidelijke Tekenen geopenbaard. Dat jullie daaraan mogen denken.

ٱلزَّانِيَةُ وَٱلزَّانِي فَٱجۡلِدُواْ كُلَّ وَٰحِدٖ مِّنۡهُمَا مِاْئَةَ جَلۡدَةٖۖ وَلَا تَأۡخُذۡكُم بِهِمَا رَأۡفَةٞ فِي دِينِ ٱللَّهِ إِن كُنتُمۡ تُؤۡمِنُونَ بِٱللَّهِ وَٱلۡيَوۡمِ ٱلۡأٓخِرِۖ وَلۡيَشۡهَدۡ عَذَابَهُمَا طَآئِفَةٞ مِّنَ ٱلۡمُؤۡمِنِينَ 2

De ontuchtige vrouw en de ontuchtige man moeten ieder met honderd zweepslagen geslagen worden. Laat medelijden jullie daarvan niet weerhouden in de godsdienst van Allah, als jullie in Allah en de Laatste Dag geloven. En laat een deel van de gelovigen getuigen zijn van de bestraffing.

ٱلزَّانِي لَا يَنكِحُ إِلَّا زَانِيَةً أَوۡ مُشۡرِكَةٗ وَٱلزَّانِيَةُ لَا يَنكِحُهَآ إِلَّا زَانٍ أَوۡ مُشۡرِكٞۚ وَحُرِّمَ ذَٰلِكَ عَلَى ٱلۡمُؤۡمِنِينَ 3

De overspelige man trouwt niet anders dan de overspelige vrouw of een afgodaanbidster. En geen trouwt haar behalve een overspelige man of een afgodenaanbidder. En dat is verboden voor de gelovigen.

وَٱلَّذِينَ يَرۡمُونَ ٱلۡمُحۡصَنَٰتِ ثُمَّ لَمۡ يَأۡتُواْ بِأَرۡبَعَةِ شُهَدَآءَ فَٱجۡلِدُوهُمۡ ثَمَٰنِينَ جَلۡدَةٗ وَلَا تَقۡبَلُواْ لَهُمۡ شَهَٰدَةً أَبَدٗاۚ وَأُوْلَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلۡفَٰسِقُونَ 4

En degenen die kuise vrouwen beschuldigen (van ontucht) en geen vier getuigen kunnen leveren, straf hen met tachtig zweepslagen en verwerp voor altijd hun getuigenis, zij zijn zeker de verdorvenen.

إِلَّا ٱلَّذِينَ تَابُواْ مِنۢ بَعۡدِ ذَٰلِكَ وَأَصۡلَحُواْ فَإِنَّ ٱللَّهَ غَفُورٞ رَّحِيمٞ 5

Behalve degenen die daarna berouw tonen en goede daden verrichten (voor hen) waarlijk, is Allah Vergevingsgezind, Genadevol.

وَٱلَّذِينَ يَرۡمُونَ أَزۡوَٰجَهُمۡ وَلَمۡ يَكُن لَّهُمۡ شُهَدَآءُ إِلَّآ أَنفُسُهُمۡ فَشَهَٰدَةُ أَحَدِهِمۡ أَرۡبَعُ شَهَٰدَٰتِۭ بِٱللَّهِ إِنَّهُۥ لَمِنَ ٱلصَّـٰدِقِينَ 6

En degenen die hun echtgenotes beschuldigen, maar geen andere getuigen hebben dan zichzelf, laat ieder van hen vier maal in de naam van Allah zweren, dat hij degene is die de waarheid spreekt.

وَٱلۡخَٰمِسَةُ أَنَّ لَعۡنَتَ ٱللَّهِ عَلَيۡهِ إِن كَانَ مِنَ ٱلۡكَٰذِبِينَ 7

En de vijfde (getuigenis) (moet) de oproeping van de vloek van Allah over hem zijn, als hij een leugen (over haar) verteld heeft.

وَيَدۡرَؤُاْ عَنۡهَا ٱلۡعَذَابَ أَن تَشۡهَدَ أَرۡبَعَ شَهَٰدَٰتِۭ بِٱللَّهِ إِنَّهُۥ لَمِنَ ٱلۡكَٰذِبِينَ 8

Maar het zal de bestraffing van haar afwenden, als zij vier maal voor Allah getuigt (zweert) dat hij een leugen vertelt.

وَٱلۡخَٰمِسَةَ أَنَّ غَضَبَ ٱللَّهِ عَلَيۡهَآ إِن كَانَ مِنَ ٱلصَّـٰدِقِينَ 9

En haar vijfde (getuigenis) moet zijn, dat zij de wraak van Allah op haar roept als hij de waarheid spreekt.

وَلَوۡلَا فَضۡلُ ٱللَّهِ عَلَيۡكُمۡ وَرَحۡمَتُهُۥ وَأَنَّ ٱللَّهَ تَوَّابٌ حَكِيمٌ 10

En als de gunst van Allah en Zijn genade er voor jullie niet was, en als Hij niet de Vergever, de Alwijze was.....(dan zouden jullie snel ten onder gaan).

إِنَّ ٱلَّذِينَ جَآءُو بِٱلۡإِفۡكِ عُصۡبَةٞ مِّنكُمۡۚ لَا تَحۡسَبُوهُ شَرّٗا لَّكُمۖ بَلۡ هُوَ خَيۡرٞ لَّكُمۡۚ لِكُلِّ ٱمۡرِيٕٖ مِّنۡهُم مَّا ٱكۡتَسَبَ مِنَ ٱلۡإِثۡمِۚ وَٱلَّذِي تَوَلَّىٰ كِبۡرَهُۥ مِنۡهُمۡ لَهُۥ عَذَابٌ عَظِيمٞ 11

Waarlijk! Degenen die de laster zijn begonnen zijn een groep onder jullie. Beschouw het niet als iets slechts voor jullie. Integendeel, het is goed voor jullie. Een iedere van hen wordt belast voor de zonde die hij gepleegd heeft. En degene van hen die grootste aandeel had: voor hem zal er een grotere bestraffing zijn.

لَّوۡلَآ إِذۡ سَمِعۡتُمُوهُ ظَنَّ ٱلۡمُؤۡمِنُونَ وَٱلۡمُؤۡمِنَٰتُ بِأَنفُسِهِمۡ خَيۡرٗا وَقَالُواْ هَٰذَآ إِفۡكٞ مُّبِينٞ 12

Hadden, toen jullie het hoorden, de gelovige mannen en de gelovige vrouwen maar goed over hun eigen mensen nagedacht en gezegd: “Deze (beschuldiging) is een duidelijke leugen.”

لَّوۡلَا جَآءُو عَلَيۡهِ بِأَرۡبَعَةِ شُهَدَآءَۚ فَإِذۡ لَمۡ يَأۡتُواْ بِٱلشُّهَدَآءِ فَأُوْلَـٰٓئِكَ عِندَ ٱللَّهِ هُمُ ٱلۡكَٰذِبُونَ 13

Waarom hebben zij niet vier" getuigen geleverd? Omdat zij geen getuigen leveren zijn zij duidelijke leugenaars in het Aangezicht van Allah.

وَلَوۡلَا فَضۡلُ ٱللَّهِ عَلَيۡكُمۡ وَرَحۡمَتُهُۥ فِي ٱلدُّنۡيَا وَٱلۡأٓخِرَةِ لَمَسَّكُمۡ فِي مَآ أَفَضۡتُمۡ فِيهِ عَذَابٌ عَظِيمٌ 14

Als het niet vanwege de gunst van Allah en Zijn genade er niet geweest was voor jullie in deze wereld en het Hiernamaals, dan zou een grote bestraffing jullie zeker treffen vanwege wat jullie gedaan hebben.

إِذۡ تَلَقَّوۡنَهُۥ بِأَلۡسِنَتِكُمۡ وَتَقُولُونَ بِأَفۡوَاهِكُم مَّا لَيۡسَ لَكُم بِهِۦ عِلۡمٞ وَتَحۡسَبُونَهُۥ هَيِّنٗا وَهُوَ عِندَ ٱللَّهِ عَظِيمٞ 15

Toen jullie het (de laster) met jullie tongen overnamen en het met jullie monden uitspraken, waarover jullie geen kennis hadden. En jullie dachten dat het iets kleins was, terwijl het in het Aangezicht van Allah heel groot was.

وَلَوۡلَآ إِذۡ سَمِعۡتُمُوهُ قُلۡتُم مَّا يَكُونُ لَنَآ أَن نَّتَكَلَّمَ بِهَٰذَا سُبۡحَٰنَكَ هَٰذَا بُهۡتَٰنٌ عَظِيمٞ 16

En hadden jullie maar, toen jullie het hoorden, gezegd: “Het is niet goed als wij hierover spreken. Heilig bent U (O Allah), dit is een grote leugen.”

يَعِظُكُمُ ٱللَّهُ أَن تَعُودُواْ لِمِثۡلِهِۦٓ أَبَدًا إِن كُنتُم مُّؤۡمِنِينَ 17

Allah verbiedt jullie dit en waarschuwt jullie zoiets nooit meer te doen; als jullie gelovigen zijn.

وَيُبَيِّنُ ٱللَّهُ لَكُمُ ٱلۡأٓيَٰتِۚ وَٱللَّهُ عَلِيمٌ حَكِيمٌ 18

En Allah maakt de Tekenen voor jullie duidelijk, Allah is Alwetend, Alwijs.

إِنَّ ٱلَّذِينَ يُحِبُّونَ أَن تَشِيعَ ٱلۡفَٰحِشَةُ فِي ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ لَهُمۡ عَذَابٌ أَلِيمٞ فِي ٱلدُّنۡيَا وَٱلۡأٓخِرَةِۚ وَٱللَّهُ يَعۡلَمُ وَأَنتُمۡ لَا تَعۡلَمُونَ 19

Waarlijk, degenen die er van houden dat de gruweldaad zich verspreidt onder de gelovigen, zullen in deze wereld en in het Hiernamaals een pijnlijke bestraffing hebben. En Allah weet en jullie weten niet.

وَلَوۡلَا فَضۡلُ ٱللَّهِ عَلَيۡكُمۡ وَرَحۡمَتُهُۥ وَأَنَّ ٱللَّهَ رَءُوفٞ رَّحِيمٞ 20

En als het niet vanwege de Gunst en Zijn genade voor jullie was geweest (dan zou Allah zich gehaast hebben jullie te bestraffen). En Allah is vol Vriendelijkheid, Genadig.

۞يَـٰٓأَيُّهَا ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ لَا تَتَّبِعُواْ خُطُوَٰتِ ٱلشَّيۡطَٰنِۚ وَمَن يَتَّبِعۡ خُطُوَٰتِ ٱلشَّيۡطَٰنِ فَإِنَّهُۥ يَأۡمُرُ بِٱلۡفَحۡشَآءِ وَٱلۡمُنكَرِۚ وَلَوۡلَا فَضۡلُ ٱللَّهِ عَلَيۡكُمۡ وَرَحۡمَتُهُۥ مَا زَكَىٰ مِنكُم مِّنۡ أَحَدٍ أَبَدٗا وَلَٰكِنَّ ٱللَّهَ يُزَكِّي مَن يَشَآءُۗ وَٱللَّهُ سَمِيعٌ عَلِيمٞ 21

O jullie die geloven! Volg de voetstappen van Sheitan niet. En ieder die de voetstappen van Sheitan volgt, die beveelt dan waarlijk het onfatsoenlijke en het slechte. En als de Gunst en Zijn genade er voor jullie niet geweest zou zijn, dan zou geen van jullie ooit van zijn zonden gezuiverd worden. Maar Allah reinigt wie Hij wil en Allah is Alhorend, Alwetend.

وَلَا يَأۡتَلِ أُوْلُواْ ٱلۡفَضۡلِ مِنكُمۡ وَٱلسَّعَةِ أَن يُؤۡتُوٓاْ أُوْلِي ٱلۡقُرۡبَىٰ وَٱلۡمَسَٰكِينَ وَٱلۡمُهَٰجِرِينَ فِي سَبِيلِ ٱللَّهِۖ وَلۡيَعۡفُواْ وَلۡيَصۡفَحُوٓاْۗ أَلَا تُحِبُّونَ أَن يَغۡفِرَ ٱللَّهُ لَكُمۡۚ وَٱللَّهُ غَفُورٞ رَّحِيمٌ 22

En laat degenen onder jullie die gezegend zijn met gunsten en welvaart niet zweren "het niet weg te geven aan de verwanten, de armen die bedelen en degenen die in hun huizen voor de Zaak van Allah zijn achtergelaten. Laat hen vergeven en lankmoedig zijn. Houden jullie er niet van dat Allah jullie zou vergeven? En Allah is Vergevingsgezind, Genadevol.

إِنَّ ٱلَّذِينَ يَرۡمُونَ ٱلۡمُحۡصَنَٰتِ ٱلۡغَٰفِلَٰتِ ٱلۡمُؤۡمِنَٰتِ لُعِنُواْ فِي ٱلدُّنۡيَا وَٱلۡأٓخِرَةِ وَلَهُمۡ عَذَابٌ عَظِيمٞ 23

Waarlijk, degenen die kuise, onschuldige vrouwen beschuldigen (van ontucht) en goede gelovigen zijn, zijn in dit leven en in het Hiernamaals vervloekt en voor hen zal er een grote bestraffing zijn.

يَوۡمَ تَشۡهَدُ عَلَيۡهِمۡ أَلۡسِنَتُهُمۡ وَأَيۡدِيهِمۡ وَأَرۡجُلُهُم بِمَا كَانُواْ يَعۡمَلُونَ 24

Op de Dag dat hun tongen, hun handen en hun benen of voeten tegen hen zullen getuigen over wat zij gewend zijn te doen.

يَوۡمَئِذٖ يُوَفِّيهِمُ ٱللَّهُ دِينَهُمُ ٱلۡحَقَّ وَيَعۡلَمُونَ أَنَّ ٱللَّهَ هُوَ ٱلۡحَقُّ ٱلۡمُبِينُ 25

Op die Dag zal Allah hun daden volledig belonen, en zij zullen weten dat Allah de Duidelijke Waarheid is.

ٱلۡخَبِيثَٰتُ لِلۡخَبِيثِينَ وَٱلۡخَبِيثُونَ لِلۡخَبِيثَٰتِۖ وَٱلطَّيِّبَٰتُ لِلطَّيِّبِينَ وَٱلطَّيِّبُونَ لِلطَّيِّبَٰتِۚ أُوْلَـٰٓئِكَ مُبَرَّءُونَ مِمَّا يَقُولُونَۖ لَهُم مَّغۡفِرَةٞ وَرِزۡقٞ كَرِيمٞ 26

Slechte uitspraken zijn voor slechte mensen (of slechte vrouwen voor slechte mannen) en slechte mensen zijn voor slechte uitspraken (of slechte mannen voor slechte vrouwen). Goede uitspraken zijn voor goede mensen (of goede vrouwen voor goede mannen) en goede mensen zijn voor goede uitspraken (of goede mannen voor goede vrouwen) zulke (goede mensen) zijn onschuldig (van iedere) slechte uitspraak die zij uiten, voor hen is er Vergeving en een geweldige voorziening.

يَـٰٓأَيُّهَا ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ لَا تَدۡخُلُواْ بُيُوتًا غَيۡرَ بُيُوتِكُمۡ حَتَّىٰ تَسۡتَأۡنِسُواْ وَتُسَلِّمُواْ عَلَىٰٓ أَهۡلِهَاۚ ذَٰلِكُمۡ خَيۡرٞ لَّكُمۡ لَعَلَّكُمۡ تَذَكَّرُونَ 27

O jullie die geloven! Gaan niet de huizen anders dan je eigen huizen binnen totdat jullie toestemming hebben gekregen en groet degenen die daar zijn. Dat is beter voor jullie, zodat jullie je dat zullen herinneren.

فَإِن لَّمۡ تَجِدُواْ فِيهَآ أَحَدٗا فَلَا تَدۡخُلُوهَا حَتَّىٰ يُؤۡذَنَ لَكُمۡۖ وَإِن قِيلَ لَكُمُ ٱرۡجِعُواْ فَٱرۡجِعُواْۖ هُوَ أَزۡكَىٰ لَكُمۡۚ وَٱللَّهُ بِمَا تَعۡمَلُونَ عَلِيمٞ 28

En als er niemand thuis is, ga dan niet zonder toestemming naar binnen. En als jullie gevraagd wordt weg te gaan, ga dan weg, want dat is zuiverder voor jullie en Allah is Alwetend over wat jullie doen.

لَّيۡسَ عَلَيۡكُمۡ جُنَاحٌ أَن تَدۡخُلُواْ بُيُوتًا غَيۡرَ مَسۡكُونَةٖ فِيهَا مَتَٰعٞ لَّكُمۡۚ وَٱللَّهُ يَعۡلَمُ مَا تُبۡدُونَ وَمَا تَكۡتُمُونَ 29

Er is voor jullie geen zonde als jullie onbewoonde huizen, waarin jullie goederen staan (zonder toestemming) binnengaan. En Allah heeft kennis van wat jullie in openlijk doen en wat jullie in het verborgene doen.

قُل لِّلۡمُؤۡمِنِينَ يَغُضُّواْ مِنۡ أَبۡصَٰرِهِمۡ وَيَحۡفَظُواْ فُرُوجَهُمۡۚ ذَٰلِكَ أَزۡكَىٰ لَهُمۡۚ إِنَّ ٱللَّهَ خَبِيرُۢ بِمَا يَصۡنَعُونَ 30

Zeg (O Mohammed) de gelovigen mannen hun blikken neer te slaan en dat zij hun passie beheersen. Dat is zuiverder voor hen. Waarlijk Allah is zich welbewust over wat zij doen.

وَقُل لِّلۡمُؤۡمِنَٰتِ يَغۡضُضۡنَ مِنۡ أَبۡصَٰرِهِنَّ وَيَحۡفَظۡنَ فُرُوجَهُنَّ وَلَا يُبۡدِينَ زِينَتَهُنَّ إِلَّا مَا ظَهَرَ مِنۡهَاۖ وَلۡيَضۡرِبۡنَ بِخُمُرِهِنَّ عَلَىٰ جُيُوبِهِنَّۖ وَلَا يُبۡدِينَ زِينَتَهُنَّ إِلَّا لِبُعُولَتِهِنَّ أَوۡ ءَابَآئِهِنَّ أَوۡ ءَابَآءِ بُعُولَتِهِنَّ أَوۡ أَبۡنَآئِهِنَّ أَوۡ أَبۡنَآءِ بُعُولَتِهِنَّ أَوۡ إِخۡوَٰنِهِنَّ أَوۡ بَنِيٓ إِخۡوَٰنِهِنَّ أَوۡ بَنِيٓ أَخَوَٰتِهِنَّ أَوۡ نِسَآئِهِنَّ أَوۡ مَا مَلَكَتۡ أَيۡمَٰنُهُنَّ أَوِ ٱلتَّـٰبِعِينَ غَيۡرِ أُوْلِي ٱلۡإِرۡبَةِ مِنَ ٱلرِّجَالِ أَوِ ٱلطِّفۡلِ ٱلَّذِينَ لَمۡ يَظۡهَرُواْ عَلَىٰ عَوۡرَٰتِ ٱلنِّسَآءِۖ وَلَا يَضۡرِبۡنَ بِأَرۡجُلِهِنَّ لِيُعۡلَمَ مَا يُخۡفِينَ مِن زِينَتِهِنَّۚ وَتُوبُوٓاْ إِلَى ٱللَّهِ جَمِيعًا أَيُّهَ ٱلۡمُؤۡمِنُونَ لَعَلَّكُمۡ تُفۡلِحُونَ 31

En zeg de gelovige vrouwen hun blikken neer te slaan en hun kuisheid te bewaken en hun schoonheid niet te tonen dan hetgeen ervan zichtbaar moet zijn. En zij moeten de sluiers volledig over hun boezems dragen en hun schoonheid niet openlijk tonen behalve voor hun echtgenoten, hun vaders, hun schoonvaders, hun zonen, of de zonen van haar echtgenoot, hun broeders en de zonen van hun broeders of de zonen van hun zusters of hun (moslim) vrouwen of de (vrouwelijke) slaven die hun rechterhanden bezitten of de oude mannelijke bedienden die geen begeerte meer hebben of kleine kinderen die geen besef van de geslachtsdaad hebben. En laat hun niet met hun voeten stampen om zo hun verborgen sieraden te onthullen. En keer jullie allen in berouw tot Allah (door dingen te vermijden die Zijn toorn opwekken), O gelovige (mannen en vrouwen), opdat jullie zullen slagen (en gered zullen worden van de verschrikkingen).

وَأَنكِحُواْ ٱلۡأَيَٰمَىٰ مِنكُمۡ وَٱلصَّـٰلِحِينَ مِنۡ عِبَادِكُمۡ وَإِمَآئِكُمۡۚ إِن يَكُونُواْ فُقَرَآءَ يُغۡنِهِمُ ٱللَّهُ مِن فَضۡلِهِۦۗ وَٱللَّهُ وَٰسِعٌ عَلِيمٞ 32

En trouw met (de alleenstaanden) in jullie (moslimgemeenschap) en met de vrome (dienaren) onder jullie slaven en slavinnen. (Laat het jullie niet weerhouden hen te huwen) als zij arm zijn, want Allah zal hen van Zijn overvloedige gunsten voorzien. En Allah is Alomvattend, Alwetend.

وَلۡيَسۡتَعۡفِفِ ٱلَّذِينَ لَا يَجِدُونَ نِكَاحًا حَتَّىٰ يُغۡنِيَهُمُ ٱللَّهُ مِن فَضۡلِهِۦۗ وَٱلَّذِينَ يَبۡتَغُونَ ٱلۡكِتَٰبَ مِمَّا مَلَكَتۡ أَيۡمَٰنُكُمۡ فَكَاتِبُوهُمۡ إِنۡ عَلِمۡتُمۡ فِيهِمۡ خَيۡرٗاۖ وَءَاتُوهُم مِّن مَّالِ ٱللَّهِ ٱلَّذِيٓ ءَاتَىٰكُمۡۚ وَلَا تُكۡرِهُواْ فَتَيَٰتِكُمۡ عَلَى ٱلۡبِغَآءِ إِنۡ أَرَدۡنَ تَحَصُّنٗا لِّتَبۡتَغُواْ عَرَضَ ٱلۡحَيَوٰةِ ٱلدُّنۡيَاۚ وَمَن يُكۡرِههُّنَّ فَإِنَّ ٱللَّهَ مِنۢ بَعۡدِ إِكۡرَٰهِهِنَّ غَفُورٞ رَّحِيمٞ 33

En laat degenen die geen (mogelijkheid) vinden om te trouwen kuis blijven, tot Allah hen uit Zijn overvloed verrijkt. En die slaven die een geschreven (vrijheidsbrief) verlangen, geef het hem op schrift als jullie weten dat zij goed en betrouwbaar zijn. En geef hen van de rijkdom die Allah jullie geschonken heeft. En dwing jullie slavinnen niet tot prostitutie als zij kuisheid wensen, omdat jullie de vergankelijkheden van dit wereldse leven begeren. Maar als iemand hen (tot prostitutie) dwingt, dan is Allah na hun dwang (voor deze vrouwen) Vergevingsgezind, Genadevol.

وَلَقَدۡ أَنزَلۡنَآ إِلَيۡكُمۡ ءَايَٰتٖ مُّبَيِّنَٰتٖ وَمَثَلٗا مِّنَ ٱلَّذِينَ خَلَوۡاْ مِن قَبۡلِكُمۡ وَمَوۡعِظَةٗ لِّلۡمُتَّقِينَ 34

En voorwaar, Wij hebben duidelijke Tekenen neergezonden en voorbeelden voor degenen die jullie vroeger vooraf gegaan zijn en een waarschuwing voor degenen die godvrezend zijn.

۞ٱللَّهُ نُورُ ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِۚ مَثَلُ نُورِهِۦ كَمِشۡكَوٰةٖ فِيهَا مِصۡبَاحٌۖ ٱلۡمِصۡبَاحُ فِي زُجَاجَةٍۖ ٱلزُّجَاجَةُ كَأَنَّهَا كَوۡكَبٞ دُرِّيّٞ يُوقَدُ مِن شَجَرَةٖ مُّبَٰرَكَةٖ زَيۡتُونَةٖ لَّا شَرۡقِيَّةٖ وَلَا غَرۡبِيَّةٖ يَكَادُ زَيۡتُهَا يُضِيٓءُ وَلَوۡ لَمۡ تَمۡسَسۡهُ نَارٞۚ نُّورٌ عَلَىٰ نُورٖۚ يَهۡدِي ٱللَّهُ لِنُورِهِۦ مَن يَشَآءُۚ وَيَضۡرِبُ ٱللَّهُ ٱلۡأَمۡثَٰلَ لِلنَّاسِۗ وَٱللَّهُ بِكُلِّ شَيۡءٍ عَلِيمٞ 35

Allah (voorziet) de hemelen en de aarde van licht (d.m.v. de zon en de maan). De gelijkenis van Zijn licht (in het hart van de gelovige) is zoals een nis waarin een lantaarn staat: de lamp bevindt zich in een glas. Het (licht in dit) glas is zoals dat van een stralende ster die werd aangestoken (met olie) van een gezegende olijfboom – die niet van het Oosten, noch van het Westen is. Haar olie lijkt uit zichzelf te willen ontvlammen, hoewel geen vuur het heeft aangeraakt. Licht op licht! Allah leidt naar Zijn licht wie Hij wil. En Allah geeft de mensheid gelijkenissen, en Allah is Alwetend over alle zaken.

فِي بُيُوتٍ أَذِنَ ٱللَّهُ أَن تُرۡفَعَ وَيُذۡكَرَ فِيهَا ٱسۡمُهُۥ يُسَبِّحُ لَهُۥ فِيهَا بِٱلۡغُدُوِّ وَٱلۡأٓصَالِ 36

(Zo’n licht brandt) in huizen waarvoor Allah gebood (Hem) erin te eren en Zijn naam te noemen, zij prijzen Zijn Glorie daarin in de ochtenden en de avonden.

رِجَالٞ لَّا تُلۡهِيهِمۡ تِجَٰرَةٞ وَلَا بَيۡعٌ عَن ذِكۡرِ ٱللَّهِ وَإِقَامِ ٱلصَّلَوٰةِ وَإِيتَآءِ ٱلزَّكَوٰةِ يَخَافُونَ يَوۡمٗا تَتَقَلَّبُ فِيهِ ٱلۡقُلُوبُ وَٱلۡأَبۡصَٰرُ 37

(Door) mannen die niet door handel en niet door verkoop worden afgeleid van de Overdenking van Allah en (ook niet van) het onderhouden van de gebeden en van het geven van Zakat. Zij vrezen voor een Dag waarop hun harten en hun ogen zich omkeren.

لِيَجۡزِيَهُمُ ٱللَّهُ أَحۡسَنَ مَا عَمِلُواْ وَيَزِيدَهُم مِّن فَضۡلِهِۦۗ وَٱللَّهُ يَرۡزُقُ مَن يَشَآءُ بِغَيۡرِ حِسَابٖ 38

Opdat Allah hen beloont in overeenstemming met het beste van hun daden. En Hij vermeerdert voor hen Zijn gunst. En Allah voorziet zonder maatneming aan wie Hij wil.

وَٱلَّذِينَ كَفَرُوٓاْ أَعۡمَٰلُهُمۡ كَسَرَابِۭ بِقِيعَةٖ يَحۡسَبُهُ ٱلظَّمۡـَٔانُ مَآءً حَتَّىٰٓ إِذَا جَآءَهُۥ لَمۡ يَجِدۡهُ شَيۡـٔٗا وَوَجَدَ ٱللَّهَ عِندَهُۥ فَوَفَّىٰهُ حِسَابَهُۥۗ وَٱللَّهُ سَرِيعُ ٱلۡحِسَابِ 39

En degenen die ongelovig zijn: hun daden zijn als een luchtspiegeling op de woestijnvlakte. De dorstige denkt dat er water is, maar als hij het nadert, vindt hij niets, maar hij vindt Allah bij zich, Die hem zijn rekening ten volle vereffent. En Allah is snel in de afrekening.

أَوۡ كَظُلُمَٰتٖ فِي بَحۡرٖ لُّجِّيّٖ يَغۡشَىٰهُ مَوۡجٞ مِّن فَوۡقِهِۦ مَوۡجٞ مِّن فَوۡقِهِۦ سَحَابٞۚ ظُلُمَٰتُۢ بَعۡضُهَا فَوۡقَ بَعۡضٍ إِذَآ أَخۡرَجَ يَدَهُۥ لَمۡ يَكَدۡ يَرَىٰهَاۗ وَمَن لَّمۡ يَجۡعَلِ ٱللَّهُ لَهُۥ نُورٗا فَمَا لَهُۥ مِن نُّورٍ 40

Of (de toestand van de ongelovigen) is als de duisternis van een grote diepe zee, overweldigt door een grote golf, met een grote golf aan haar top en daarboven donkere wolken, duisternis op duisternis.Als iemand zijn hand uitsteekt, kan hij die nauwelijks zien! En hij waarvoor Allah niet het licht heeft aangewezen, voor hem is er geen licht.

أَلَمۡ تَرَ أَنَّ ٱللَّهَ يُسَبِّحُ لَهُۥ مَن فِي ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِ وَٱلطَّيۡرُ صَـٰٓفَّـٰتٖۖ كُلّٞ قَدۡ عَلِمَ صَلَاتَهُۥ وَتَسۡبِيحَهُۥۗ وَٱللَّهُ عَلِيمُۢ بِمَا يَفۡعَلُونَ 41

Zie jij dan niet dat alles in de hemelen en op de aarde Allah prijst en ook de vogels met uitgespreide vleugels. Ieder kent waarlijk zijn gebed en zijn verheerlijkingen, en Allah is Alwetend over wat zij doen.

وَلِلَّهِ مُلۡكُ ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِۖ وَإِلَى ٱللَّهِ ٱلۡمَصِيرُ 42

En aan Allah behoort de soevereiniteit van de hemelen en de aarde, en tot Allah zullen (allen) terugkeren.

أَلَمۡ تَرَ أَنَّ ٱللَّهَ يُزۡجِي سَحَابٗا ثُمَّ يُؤَلِّفُ بَيۡنَهُۥ ثُمَّ يَجۡعَلُهُۥ رُكَامٗا فَتَرَى ٱلۡوَدۡقَ يَخۡرُجُ مِنۡ خِلَٰلِهِۦ وَيُنَزِّلُ مِنَ ٱلسَّمَآءِ مِن جِبَالٖ فِيهَا مِنۢ بَرَدٖ فَيُصِيبُ بِهِۦ مَن يَشَآءُ وَيَصۡرِفُهُۥ عَن مَّن يَشَآءُۖ يَكَادُ سَنَا بَرۡقِهِۦ يَذۡهَبُ بِٱلۡأَبۡصَٰرِ 43

Zie jij niet dat Allah de wolken zachtjes voortduwt, en hen dan samenvoegt, en vervolgens hen tot een hoop met lagen maakt. En zie je niet dat de regen tussen hen voortkomt. En Hij laat uit de lucht wolken (zoals) bergen neerdalen waarin hagel is. Hij treft daarmee wie Hij wil en Hij wendt het af van wie Hij wil. De levendige flits van de bliksem verblindt bijna het gezichtsvermogen.

يُقَلِّبُ ٱللَّهُ ٱلَّيۡلَ وَٱلنَّهَارَۚ إِنَّ فِي ذَٰلِكَ لَعِبۡرَةٗ لِّأُوْلِي ٱلۡأَبۡصَٰرِ 44

Allah zorgt er voor dat de nacht en de dag elkaar opvolgen. Waarlijk, in deze zaken is zeker een les voor degenen die inzicht hebben.

وَٱللَّهُ خَلَقَ كُلَّ دَآبَّةٖ مِّن مَّآءٖۖ فَمِنۡهُم مَّن يَمۡشِي عَلَىٰ بَطۡنِهِۦ وَمِنۡهُم مَّن يَمۡشِي عَلَىٰ رِجۡلَيۡنِ وَمِنۡهُم مَّن يَمۡشِي عَلَىٰٓ أَرۡبَعٖۚ يَخۡلُقُ ٱللَّهُ مَا يَشَآءُۚ إِنَّ ٱللَّهَ عَلَىٰ كُلِّ شَيۡءٖ قَدِيرٞ 45

Allah schiep ieder levend wezen uit water. Onder hen zijn er die op hun buiken voortkruipen, er zijn er die op twee (benen) lopen en sommigen lopen op vier (poten). Allah schept wat Hij wil. Waarlijk! Allah is tot alle dingen in staat.

لَّقَدۡ أَنزَلۡنَآ ءَايَٰتٖ مُّبَيِّنَٰتٖۚ وَٱللَّهُ يَهۡدِي مَن يَشَآءُ إِلَىٰ صِرَٰطٖ مُّسۡتَقِيمٖ 46

Wij hebben zeker (in deze Koran) duidelijke Tekenen neergezonden. En Allah leidt hij wie Hij wil naar het rechte Pad.

وَيَقُولُونَ ءَامَنَّا بِٱللَّهِ وَبِٱلرَّسُولِ وَأَطَعۡنَا ثُمَّ يَتَوَلَّىٰ فَرِيقٞ مِّنۡهُم مِّنۢ بَعۡدِ ذَٰلِكَۚ وَمَآ أُوْلَـٰٓئِكَ بِٱلۡمُؤۡمِنِينَ 47

Zij zeggen: “Wij geloven in Allah, in Zijn Boodschapper en wij gehoorzamen,” vervolgens keert een deel van hen zich daarvan af. En zij zijn geen gelovigen.

وَإِذَا دُعُوٓاْ إِلَى ٱللَّهِ وَرَسُولِهِۦ لِيَحۡكُمَ بَيۡنَهُمۡ إِذَا فَرِيقٞ مِّنۡهُم مُّعۡرِضُونَ 48

En als zij tot Allah en Zijn Boodschapper opgeroepen worden, opdat hij onder hen oordeelt, dan is er een groep onder hen die zich afwendt.

وَإِن يَكُن لَّهُمُ ٱلۡحَقُّ يَأۡتُوٓاْ إِلَيۡهِ مُذۡعِنِينَ 49

Maar indien het recht aan hun kant is dan komen zij gewillig in onderwerping tot Hem.

أَفِي قُلُوبِهِم مَّرَضٌ أَمِ ٱرۡتَابُوٓاْ أَمۡ يَخَافُونَ أَن يَحِيفَ ٱللَّهُ عَلَيۡهِمۡ وَرَسُولُهُۥۚ بَلۡ أُوْلَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلظَّـٰلِمُونَ 50

Is er een ziekte in hun harten? Of twijfelen zij en zijn zij bang dat Allah en Zijn Boodschapper hen zullen benadelen in de beoordeling. Integendeel, zij zijn degenen die de onrechtvaardigen zijn.

إِنَّمَا كَانَ قَوۡلَ ٱلۡمُؤۡمِنِينَ إِذَا دُعُوٓاْ إِلَى ٱللَّهِ وَرَسُولِهِۦ لِيَحۡكُمَ بَيۡنَهُمۡ أَن يَقُولُواْ سَمِعۡنَا وَأَطَعۡنَاۚ وَأُوْلَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلۡمُفۡلِحُونَ 51

De woorden van de trouwe gelovigen, wanneer zij naar Allah en Zijn Boodschapper opgeroepen worden om tussen hen te oordelen, is dat zij zeggen: “Wij horen en gehoorzamen.” En dat zijn de geslaagden.

وَمَن يُطِعِ ٱللَّهَ وَرَسُولَهُۥ وَيَخۡشَ ٱللَّهَ وَيَتَّقۡهِ فَأُوْلَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلۡفَآئِزُونَ 52

En ieder die Allah en Zijn Boodschapper gehoorzaamt, en bang voor Allah is en Hem vreest: zij zijn de geslaagden.

۞وَأَقۡسَمُواْ بِٱللَّهِ جَهۡدَ أَيۡمَٰنِهِمۡ لَئِنۡ أَمَرۡتَهُمۡ لَيَخۡرُجُنَّۖ قُل لَّا تُقۡسِمُواْۖ طَاعَةٞ مَّعۡرُوفَةٌۚ إِنَّ ٱللَّهَ خَبِيرُۢ بِمَا تَعۡمَلُونَ 53

Zij zweren bij Allah hun grootste eden, dat als jij hen zou bevelen, zij (hun huizen) zouden verlaten (om voor Allah te vechten). Zeg: “Zweer niet; (deze) gehoorzaamheid (van jullie) is bekend. Waarlijk, Allah is Alwetend over wat jullie doen.”

قُلۡ أَطِيعُواْ ٱللَّهَ وَأَطِيعُواْ ٱلرَّسُولَۖ فَإِن تَوَلَّوۡاْ فَإِنَّمَا عَلَيۡهِ مَا حُمِّلَ وَعَلَيۡكُم مَّا حُمِّلۡتُمۡۖ وَإِن تُطِيعُوهُ تَهۡتَدُواْۚ وَمَا عَلَى ٱلرَّسُولِ إِلَّا ٱلۡبَلَٰغُ ٱلۡمُبِينُ 54

Zeg: “Gehoorzaam Allah en gehoorzaam de Boodschapper! En als jullie je afkeren is hij slechts verantwoordelijk voor de taak die hem gesteld is en jullie zijn verantwoordelijk voor waar jullie mee belast zijn. Als jullie hem gehoorzamen, zullen jullie rechtgeleid zijn. De plicht van de Boodschapper is slechts de duidelijke verkondiging.

وَعَدَ ٱللَّهُ ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ مِنكُمۡ وَعَمِلُواْ ٱلصَّـٰلِحَٰتِ لَيَسۡتَخۡلِفَنَّهُمۡ فِي ٱلۡأَرۡضِ كَمَا ٱسۡتَخۡلَفَ ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلِهِمۡ وَلَيُمَكِّنَنَّ لَهُمۡ دِينَهُمُ ٱلَّذِي ٱرۡتَضَىٰ لَهُمۡ وَلَيُبَدِّلَنَّهُم مِّنۢ بَعۡدِ خَوۡفِهِمۡ أَمۡنٗاۚ يَعۡبُدُونَنِي لَا يُشۡرِكُونَ بِي شَيۡـٔٗاۚ وَمَن كَفَرَ بَعۡدَ ذَٰلِكَ فَأُوْلَـٰٓئِكَ هُمُ ٱلۡفَٰسِقُونَ 55

En Allah heeft degenen onder jullie die geloven en goede daden doen beloofd, dat Hij hen zeker de opvolging van (de huidige leiders) van de" aarde zal geven, zoals Hij het aan degenen vόόr hen had gegeven, en Hij zal hen het gezag geven om haar godsdienst uit te voeren, dat wat Hij voor hen gekozen heeft. En dat Hij voor hen hun vrees door veiligheid vervangt. Zij (gelovigen) aanbidden Mij en zij kennen Mij geen deelgenoten toe. Maar wie hierna ongelovig zijn, behoren tot de verdorvenen.

وَأَقِيمُواْ ٱلصَّلَوٰةَ وَءَاتُواْ ٱلزَّكَوٰةَ وَأَطِيعُواْ ٱلرَّسُولَ لَعَلَّكُمۡ تُرۡحَمُونَ 56

En verricht de gebeden perfect en geef Zakat en gehoorzaam de Boodschapper. Dat jullie genade moge ontvangen.

لَا تَحۡسَبَنَّ ٱلَّذِينَ كَفَرُواْ مُعۡجِزِينَ فِي ٱلۡأَرۡضِۚ وَمَأۡوَىٰهُمُ ٱلنَّارُۖ وَلَبِئۡسَ ٱلۡمَصِيرُ 57

Denk niet dat de ongelovigen op de aarde kunnen vluchten (van de bestraffing). Hun verblijfplaats zal het Vuur zijn - en hun bestemming is zeker slecht!

يَـٰٓأَيُّهَا ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ لِيَسۡتَـٔۡذِنكُمُ ٱلَّذِينَ مَلَكَتۡ أَيۡمَٰنُكُمۡ وَٱلَّذِينَ لَمۡ يَبۡلُغُواْ ٱلۡحُلُمَ مِنكُمۡ ثَلَٰثَ مَرَّـٰتٖۚ مِّن قَبۡلِ صَلَوٰةِ ٱلۡفَجۡرِ وَحِينَ تَضَعُونَ ثِيَابَكُم مِّنَ ٱلظَّهِيرَةِ وَمِنۢ بَعۡدِ صَلَوٰةِ ٱلۡعِشَآءِۚ ثَلَٰثُ عَوۡرَٰتٖ لَّكُمۡۚ لَيۡسَ عَلَيۡكُمۡ وَلَا عَلَيۡهِمۡ جُنَاحُۢ بَعۡدَهُنَّۚ طَوَّـٰفُونَ عَلَيۡكُم بَعۡضُكُمۡ عَلَىٰ بَعۡضٖۚ كَذَٰلِكَ يُبَيِّنُ ٱللَّهُ لَكُمُ ٱلۡأٓيَٰتِۗ وَٱللَّهُ عَلِيمٌ حَكِيمٞ 58

O jullie die geloven! Laat jullie wettige slaven en slavinnen en degenen onder jullie die de volwassenheid nog niet bereikt hebben, jullie in drie gevallen om toestemming vragen (om tot jullie te komen); voor het ochtendgebed, en voor de middagrust, en na het ‘Isjaa’- gebed; de drie (gelegenheden) waarbij jullie je ontkleden. Buiten deze tijden is er geen overtreding voor jullie en voor hen om te naderen, met de bedoeling elkaar te helpen. Zo maakt Allah de Tekenen voor jullie duidelijk. En Allah is Alwetend, Alwijs.

وَإِذَا بَلَغَ ٱلۡأَطۡفَٰلُ مِنكُمُ ٱلۡحُلُمَ فَلۡيَسۡتَـٔۡذِنُواْ كَمَا ٱسۡتَـٔۡذَنَ ٱلَّذِينَ مِن قَبۡلِهِمۡۚ كَذَٰلِكَ يُبَيِّنُ ٱللَّهُ لَكُمۡ ءَايَٰتِهِۦۗ وَٱللَّهُ عَلِيمٌ حَكِيمٞ 59

En als de kinderen onder jullie de volwassenheidheid bereiken, laat hen dan (ook) om toestemming vragen zoals de ouderen (in leeftijd) onder hen. Zo maakt Allah Zijn Tekenen voor jullie duidelijk. En Allah is Alwetend, Alwijs.

وَٱلۡقَوَٰعِدُ مِنَ ٱلنِّسَآءِ ٱلَّـٰتِي لَا يَرۡجُونَ نِكَاحٗا فَلَيۡسَ عَلَيۡهِنَّ جُنَاحٌ أَن يَضَعۡنَ ثِيَابَهُنَّ غَيۡرَ مُتَبَرِّجَٰتِۭ بِزِينَةٖۖ وَأَن يَسۡتَعۡفِفۡنَ خَيۡرٞ لَّهُنَّۗ وَٱللَّهُ سَمِيعٌ عَلِيمٞ 60

En wat de vrouwen betreft die hun vruchtbare jaren gehad hebben, en niet op een huwelijk hopen, is het geen zonde als zij hun (buitenste) kleding afleggen, maar wel op zo’n manier dat zij hun sieraden niet tonen. Maar om hiervan af te zien is beter voor hen. En Allah is Alhorend, Alwetend.

لَّيۡسَ عَلَى ٱلۡأَعۡمَىٰ حَرَجٞ وَلَا عَلَى ٱلۡأَعۡرَجِ حَرَجٞ وَلَا عَلَى ٱلۡمَرِيضِ حَرَجٞ وَلَا عَلَىٰٓ أَنفُسِكُمۡ أَن تَأۡكُلُواْ مِنۢ بُيُوتِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ ءَابَآئِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ أُمَّهَٰتِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ إِخۡوَٰنِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ أَخَوَٰتِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ أَعۡمَٰمِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ عَمَّـٰتِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ أَخۡوَٰلِكُمۡ أَوۡ بُيُوتِ خَٰلَٰتِكُمۡ أَوۡ مَا مَلَكۡتُم مَّفَاتِحَهُۥٓ أَوۡ صَدِيقِكُمۡۚ لَيۡسَ عَلَيۡكُمۡ جُنَاحٌ أَن تَأۡكُلُواْ جَمِيعًا أَوۡ أَشۡتَاتٗاۚ فَإِذَا دَخَلۡتُم بُيُوتٗا فَسَلِّمُواْ عَلَىٰٓ أَنفُسِكُمۡ تَحِيَّةٗ مِّنۡ عِندِ ٱللَّهِ مُبَٰرَكَةٗ طَيِّبَةٗۚ كَذَٰلِكَ يُبَيِّنُ ٱللَّهُ لَكُمُ ٱلۡأٓيَٰتِ لَعَلَّكُمۡ تَعۡقِلُونَ 61

Het is geen zonde voor de blinde, en niet een zonde voor de lamme, en niet een zonde voor de zieke en niet voor julliezelf, dat jullie in jullie huizen eten, of in de huizen van jullie vaders of in de huizen van jullie moeders, of in de huizen van jullie broeders, of in de huizen van jullie zusters, of in de huizen de jullie vaders broeders, of in de huizen van jullie vaders zusters, of in de huizen van jullie moeders broeders of in de huizen van jullie moeders zusters, of (in die) waarvan jullie een sleutel hebben of (in het huis) van jullie vrienden. Het is geen overtreding voor jullie om apart of gezamenlijk te eten. Maar als jullie een huis binnentreden, groet elkaar met de begroeting van Allah, gezegend en goed. Allah maakt de Tekenen voor jullie duidelijk, zodat jullie het begrijpen mogen.

إِنَّمَا ٱلۡمُؤۡمِنُونَ ٱلَّذِينَ ءَامَنُواْ بِٱللَّهِ وَرَسُولِهِۦ وَإِذَا كَانُواْ مَعَهُۥ عَلَىٰٓ أَمۡرٖ جَامِعٖ لَّمۡ يَذۡهَبُواْ حَتَّىٰ يَسۡتَـٔۡذِنُوهُۚ إِنَّ ٱلَّذِينَ يَسۡتَـٔۡذِنُونَكَ أُوْلَـٰٓئِكَ ٱلَّذِينَ يُؤۡمِنُونَ بِٱللَّهِ وَرَسُولِهِۦۚ فَإِذَا ٱسۡتَـٔۡذَنُوكَ لِبَعۡضِ شَأۡنِهِمۡ فَأۡذَن لِّمَن شِئۡتَ مِنۡهُمۡ وَٱسۡتَغۡفِرۡ لَهُمُ ٱللَّهَۚ إِنَّ ٱللَّهَ غَفُورٞ رَّحِيمٞ 62

De ware gelovigen zijn slechts degenen die in Allah en Zijn Boodschapper geloven. En als zij met hem (de Profeet) zijn bij een gezamelijke zaak, dan vragen zij toestemming om te vertrekken. Waarlijk! Degenen die jou (O Mohammed) toestemming vragen zijn zij, die (echt) in Allah en Zijn Boodschapper geloven. Als zij voor eigen zaken jouw toestemming vragen, geef dan toestemming aan wie je wilt, en vraag Allah om vergiffenis. Waarlijk, Allah is Vergevingsgezind, Genadevol.

لَّا تَجۡعَلُواْ دُعَآءَ ٱلرَّسُولِ بَيۡنَكُمۡ كَدُعَآءِ بَعۡضِكُم بَعۡضٗاۚ قَدۡ يَعۡلَمُ ٱللَّهُ ٱلَّذِينَ يَتَسَلَّلُونَ مِنكُمۡ لِوَاذٗاۚ فَلۡيَحۡذَرِ ٱلَّذِينَ يُخَالِفُونَ عَنۡ أَمۡرِهِۦٓ أَن تُصِيبَهُمۡ فِتۡنَةٌ أَوۡ يُصِيبَهُمۡ عَذَابٌ أَلِيمٌ 63

Behandel de uitnodiging van de Boodschapper onder jullie niet zoals je de uitnodiging van elkaar behandelt. Allah kent degenen onder jullie die in het geheim wegglippen. En laat degenen die tegen de bevelen van de Boodschapper zijn oppassen, want anders kan een beproeving of een pijnlijke bestraffing hen treffen.

أَلَآ إِنَّ لِلَّهِ مَا فِي ٱلسَّمَٰوَٰتِ وَٱلۡأَرۡضِۖ قَدۡ يَعۡلَمُ مَآ أَنتُمۡ عَلَيۡهِ وَيَوۡمَ يُرۡجَعُونَ إِلَيۡهِ فَيُنَبِّئُهُم بِمَا عَمِلُواْۗ وَٱللَّهُ بِكُلِّ شَيۡءٍ عَلِيمُۢ 64

Zeker, aan Allah behoort wat in de hemelen en op aarde is. Zeker, Hij kent jullie toestand en (Hij kent) de Dag waarop zij tot Hem worden teruggebracht, dan zal Hij hen vertellen wat zij gedaan hebben. En Allah is van alles Alwetend.

2 Comments

  1. De stuk 40 is echt belangrijk stuk dit stuk bewijst dat de coran is de woord van Allah en niet onze profeet die heeft hem geschreven als zegt mensen die niet geloven , dit stuk is echt wetenschappelijk geschreven want hoe weet onze profeet toen dat er zijn golven binnen de zee en ook als u dieper gaat hij wordt donker pas het is ondekt dat de zee is 11 km dieper en er zijn golven die meten 500 m hoog zij zijn 1000 keer sterker dan de golven die boven zijn , ik hoef niks te voegen als u meer wil weten lees de coran , er zijn nog di gen die nog niet ontdekt en zij zijn wel in coran,sobhana Allah
    Mvg
    Radi

    1. Helaas: de profeet, als wees bij zijn oom opgegroeid met alleen verplichte brood en bed, kon zeer waarschijnlijk niet schrijven. Schrijven was voor geletterden en dat was vrijwel niemand en dus ook Mohammed niet. Waarschijnlijk is de koran pas honderden jaren later geschreven, zo 850 AD. Men wist best wel wat de zee met hoge golven was. Mohammed kon wel goed rekenen. Hij was op volwassen leeftijd bedrijfsleider in de handelszaak van zijn schoonvader want hij trouwde met diens dochter Khadischa.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Close